het TheaterFestival

Magazine

zo 14.09.25

Geslaagde vertaalslagen in [meeuw] en daarbuiten

Met [meeuw] werd voor het eerst in Nederlandstalig België een volledig toneelstuk vertaald naar de Vlaamse Gebarentaal (VGT). Redacteur Louky van Eijkelenburg beschrijft hoe deze bijzondere voorstelling aantoont dat gebarentaal niet alleen een communicatiemiddel is, maar ook een volwaardige artistieke taal vol poëzie en kracht – zoals het werk van kunstenaars Hilde Verhelst  en Sem Anne van Dijk belicht.

Door Louky van Eijkelenburg

[meeuw] is een bijzonder toneelstuk: voor het eerst in Vlaanderen werd een volledige voorstelling vertaald naar de Vlaamse Gebarentaal (VGT). Jij als dove toeschouwer staat centraal. Niet jij moet je aanpassen, maar de horenden. Redacteur Louky van Eijkelenburg laat zien hoe gebaren, expressie en poëzie samen een nieuwe theaterervaring maken. Dit artikel is geschreven als verdieping voor horende toeschouwers.

 

[meeuw] is het eerste toneelstuk dat vanuit het Nederlands naar VGT (Vlaamse Gebarentaal) is vertaald. Zelfs de titel heeft een kleine vertaalslag doorgemaakt. Het originele stuk van Anton Tsjechov heet De Meeuw (althans in het Nederlands, in het Russisch is het Чайка). In het VGT wordt er geen gebruik gemaakt van lidwoorden – ‘de’ vervalt dus. Omdat er geen specifiek gebaar is voor het woord meeuw wordt het algemene vogelgebaar gebruikt, gecombineerd met het mondbeeld meeuw. Gebarentaal spreek je dus niet alleen met de handen. De combinatie van gebaren, expressie en het mondbeeld bepalen de betekenis.

Met een cast van drie dove en vijf horende acteurs, is [meeuw] (op een heel klein stukje na) volledig in gebarentaal opgevoerd. Voor het dove publiek is dit een radicale omkering waarin het horende publiek zich voor de verandering eens moet aanpassen.

De VGT (Vlaamse Gebarentaal) is sinds 2006 een officiële taal. Een radicaal andere taal. Niet enkel in haar gebaren en gezichtsuitdrukkingen, maar ook grammaticaal. De manier waarop zinnen worden opgebouwd is compleet anders en heeft invloed op hoe doven en slechthorenden denken. Wanneer je een tekst volgens de logica van gebarentaal zou opschrijven, krijg je een heel andere tekst. Dit wordt glos genoemd. Glos is geen ‘echte’ geschreven taal, maar eerder een hulpmiddel dat vooral wordt gebruikt door mensen die beroepsmatig met VGT bezig zijn, zoals lesgevers, vertalers en gebarentaalkundigen die onderzoek doen. In glos worden de zinsbouw en gebaren van VGT stap voor stap ‘beschreven’ met woorden of tekens uit het Nederlands. Het is een praktische manier om gebaren en grammatica vast te leggen of te analyseren, maar niet bedoeld om te lezen zoals je bijvoorbeeld een boek zou lezen.

 

Vele vertaalslagen

Sam Verstraete en Diane Boonen verzorgden de vertaling van [meeuw] (vertalen wordt soms verward met tolken, maar het zijn twee verschillende zaken. Tolken gebeurt live, een vertaling komt voort uit geschreven tekst). De vraag naar goede vertalingen naar of vanuit VGT neemt toe; Sam krijgt regelmatig opdrachten en is momenteel bezig met de oprichting van zijn eigen bedrijf dat zich specifiek richt op vertaalwerk van geschreven tekst naar VGT. Ook voor Diane was dit niet de eerste vertaalklus. [meeuw] bestaat uit drie vertalingen: er is de (originele) vertaling van Russisch naar Nederlands, die dan vertaald is naar glos en vanuit het glos is er een videovertaling van Nederlands naar VGT ontstaan. Een ‘pagina/videobeeld’ uit het script van [meeuw] ziet er zo uit:

 

Sam en Diane zijn het er beide over eens dat dit een van hun moeilijkste opdrachten was tot nu toe. Een theatertekst bevat natuurlijk veel meer abstracties en subtekst dan een overheidsformulier. Niet alle metaforen en diepere lagen in [meeuw] konden letterlijk worden vertaald, hier en daar moesten er zinnen worden weggelaten of radicaal worden aangepast. Poëzie en humor zijn immers erg taalgebonden. VGT heeft een eigen taalcultuur met zijn eigen woordgrapjes en esthetiek. Om deze reden is er nood aan meer media voor doven en slechthorenden; het kijken naar een video of een theaterstuk waarin iemand gebaren uitvoert is heel anders dan het lezen van een Nederlandse tekst of het kijken naar een film met speciale ondertiteling. De structuur, het ritme en de expressiemiddelen zijn totaal verschillend.

Gebarentaal: een verademing

Dove kinderen hebben nood aan rolmodellen en tools om zich (creatief) te kunnen uiten op hun eigen manier, zonder altijd maar de vertaalslag te moeten maken naar het (geschreven) Nederlands. Dove media is echter erg afhankelijk van subsidies. Helaas moest VGT-nieuws (een nieuwskanaal in VGT) dit voorjaar stoppen omdat zij geen financiële middelen meer hadden. Kleine aanpassingen zoals ondertiteling (ook wanneer er Nederlands wordt gesproken) kunnen media toegankelijker maken. Dove influencers nemen het heft in eigen handen en maken vlogs waarin zij hun ervaringen delen.

Gebarentaal werd lange tijd verboden of ontmoedigd, vanuit het idee dat het beter was als doven zich zouden aanpassen door Nederlands te spreken en te leren liplezen – dan konden ze makkelijker meedraaien in een horende maatschappij. In werkelijkheid was dit natuurlijk vooral voor de horenden gemakkelijk. Doven en slechthorende moeten zich al continu aanpassen, het is een verademing om dan even onderling te kunnen gebaren of om media te kunnen consumeren die speciaal voor hen gemaakt is. Gelukkig wordt gebarentaal nu wel erkend als echte taal en worden er op steeds meer verschillende plekken tolken ingezet. Toch blijft de focus op gesproken taal groot. De vooruitgang op het gebied van cochleaire implantaten is indrukwekkend, maar gaat wel uit van het idee dat doofheid iets is wat moet worden ‘genezen’: wederom wordt er van de dove verwacht dat die zich aanpast. De opkomst van cochleaire implantaten zou niet het einde van gebarentaal moeten betekenen. Tweetalig onderwijs  (gesproken onderwijs en VGT) is een ideale middenweg, maar het Nederlands is in onze maatschappij natuurlijk al oververtegenwoordigd dus meer media, kunst en lees/videomateriaal voor doven is van harte welkom.

Visual vernacular 

Iemand die hieraan bijdraagt is Hilde Verhelst. Ze schrijft gedichten, liedjes en kinderboeken in VGT, waaronder het boek Gebarentaal redt! wat al in meerdere (gebaren)talen is uitgebracht. Ook doet ze aan visual vernacular, een soort visuele slam poetry, waarin ritme en expressie een grote rol spelen. Hilde hielp mee aan de vertaling van [meeuw]. Omdat het stuk over een toneelschrijver gaat, wordt er soms toneel op het toneel gespeeld. De toneelteksten van de getormenteerde schrijver Konstantin zijn een stuk abstracter dan de rest van de dialogen. Hilde werd ingeschakeld om deze teksten op een poëtische manier in gebaren te herschrijven.

Wanneer ik Hilde e-mail met een aantal vragen, stelt ze voor om te bellen, even later word ik gebeld door een tolk, hij videobelt met Hilde en vertolkt ons gesprek.

Hilde vertelt me over de manier waarop ze gedichten schrijft. Niet met pen en papier, maar met gebaren. Zo begint ze bijvoorbeeld vanuit een handvorm, zoals een vuist, een open hand of een uitgestrekte vinger. Dit zijn een soort parameters die invloed hebben op de betekenis. Een gebaar met open vingers kan bijvoorbeeld iets anders betekenen wanneer dit gebaar wordt gemaakt met gesloten vingers. Ze combineert woorden die van dezelfde handvorm gebruik maken. Een soort alliteraties in gebarentaal. Deze opeenvolging aan gebaren waarin er niet steeds van handvorm wordt gewisseld brengt een bepaalde rust. De manier waarop een tekst wordt gebracht speelt ook een belangrijke rol. In gebarentaal kun je eentonig spreken, dit is wanneer je minimaal gebruik maken van gezichtsexpressie. Op het podium kom je hier natuurlijk niet mee weg. Wanneer Hilde optreedt vergroot ze haar gezichtsuitdrukkingen, deze bepalen voor een groot deel de ‘klank’ en de intentie. Daarnaast speelt ze met de grootte van haar gebaren en de snelheid waarmee ze deze afwisselt.

Visual Vernacular (VV) is weer een andere tak van sport. Over het algemeen wordt er bij VV geen of weinig gebruik gemaakt van de bestaande gebaren, maar wordt de betekenis of het verhaal uitgebeeld. Mensen die het VGT niet machtig zijn kunnen dit dus ook een beetje volgen. Wanneer Hilde iets maakt in VV begint ze vaak vanuit iets materieels dat ze vervolgens een eigen leven probeert te geven. Op haar YouTube-pagina zijn enkele video’s te vinden met titels als Aardbei, Trofee en Bergen. Om van het object VV te maken denkt Hilde na over hoe het object eruitziet, welke kleur, breedte en hoogte het heeft, hoe het voelt en hoe het zich zou voelen. Vervolgens gaat ze op zoek naar een artistieke manier om dit met haar handen, bovenlichaam en gezicht weer te geven.

Omdat doven veel gebruik maken van hun gezicht is het volgens Hilde een stuk moeilijker om emoties te verbergen. Ik heb sowieso het gevoel dat de communicatie met en tussen doven en slechthorenden veel directer is. Zonder lidwoorden en andere vulwoordjes blijft er weinig ruimte over voor subtekst en overdreven beleefdheidsvormen. Hilde wijst me erop dat het een kwestie is van perspectief: zelf hebben doven en slechthorenden niet per se het gevoel dat ze directer communiceren. De manier waarop ze op dovenscholen en onderling VGT spreken is wat ze gewend zijn. Daarnaast is het een kwestie van overleven: vanwege de taalbarrière is het lastig om ‘gehoord’ te worden, als dove moet je dus heel duidelijk en direct kunnen communiceren wat je wil en waar je nood aan hebt.

 

Annemoonbewoners

Een andere maker die werkt met gebarentaal is Sem Anne van Dijk. In 2023 schreef hij het stuk Anemoonbewoners in NGT (Nederlands gebarentaal). Belangrijk om te vermelden: VGT en NGT zijn twee compleet verschillende talen. Bij de voorstellingen van [meeuw] in Nederlands was er een Nederlandse tolk aanwezig.

Het stuk Anemoonbewoners is opgevoerd als theatrale lezing door drie dove acteurs en een horende en sprekende acteur met de naam Instantieman, die alle instanties belichaamt waar de dove personages in dit stuk mee worden geconfronteerd. Sem Anne speelt met de boventiteling: wanneer de Instantieman spreekt is de boventiteling bedoeld voor het dove publiek en vice versa, maar net als bij [meeuw], wordt er aan het einde voor gekozen om de boventiteling uit te schakelen. De stilte valt direct op – althans, voor het horende publiek. Zonder boventiteling is er zelfs geen innerlijke stem meer die zachtjes voorleest. De ervaring is enigszins vergelijkbaar met het luisteren naar muziek of poëzie in een taal die je niet machtig bent. Je kunt genieten van de klanken, de melodie, het ritme en de emotie in de stem maar de echte betekenis en nuances blijven een geheim. In [meeuw] en Anemoonbewoners worden klank en melodie vervangen door gezichtsexpressie en snelheid.

Naast de dove personages en de Instantieman is er nog een derde personage; de schrijver zelf. De spelers vallen soms even uit hun rol en vertolken Sem Annes persoonlijke ervaringen en onzekerheden, zoals in het stukje hieronder.

METTE/ACTRICE

De schrijver deze/dit tekst

deze/dit toneelstuk

bang deze/dit tekst schrijven

INDEX2 niet van dove adel

ouders van-hem niet doof

INDEX2 half doof

kunnen Nederlandse Gebarentaal

maar niet helemaal vloeiend

zat op speciaal voortgezet onderwijs – tien jaar!

wereld van hem toen: doven-wereld

nu meer in wereld horenden

elk/ieder zin schrijver schrijven

te-veel-worden

INDEX2 angst omdat INDEX2 misschien niet doof genoeg

I-M-P-O-S-T-E-R S-Y-N-D-R-O-O-M

angst masker vallen

maar

hij schrijft deze/dit verhaal toch

verhaal van-mij familie

van-mij moeder

wij moeten vertellen

klinkt cliché

al INDEX1 horen nooit iets klinken

dit/deze stukje schreeuwt slachtoffer

slachtoffer-porno

maar

zo belangrijk sorry sorry

 

Sem Anne is doof aan zijn rechteroor, half doof, zoals hij hierboven beschrijft. Zijn NGT is goed, maar niet vloeiend. Als schrijver schrijft hij vooral in het Nederlands, zijn creatieproces verschilt dan ook erg van dat van Hilde. Anemoonbewoners is niet geschreven in glos, maar wel volgens de grammatica van het NGT. Sem Anne zat al gebarend achter zijn laptop om de tekst zo letterlijk mogelijk te vertalen. Toen het verhaal eenmaal rond was, kon hij zich bezighouden met stileringen en theatraliteit. Hij heeft geprobeerd te ‘rijmen’ door gebaren die op elkaar lijken achter elkaar te plaatsen. Ook in de geschreven tekst is er aandacht voor stijl en ritme, maar de hoofdfocus ligt bij de gebaren.

Naast het schrijven van toneelstukken houdt Sem Anne zich bezig met toegankelijkheid in het theater. Binnenkort zal hij in Sofia een lezing geven over hoe technologie, zoals smartglasses, hierbij kan helpen. Smartglasses zetten met behulp van AI de gesproken tekst uit de zenders direct om in ondertitels. Volgens Sem werkt dit beter dan boventitels (waar in Nederlands sowieso veel minder gebruik van wordt gemaakt dan in België). Boventitels vertalen niet altijd letterlijk wat er gezegd wordt en hangen meestal erg hoog, hierdoor is het lastiger om volledig op te gaan in het toneelstuk.

Niet enkel als toeschouwer, maar ook als maker wordt Sem Anne geconfronteerd met obstakels. Anemoonbewoners is nog niet als toneelstuk op het podium gebracht omdat theaterhuizen het ‘te veel gedoe’ vinden. Tolken zijn duur en de dove gemeenschap is relatief klein. Sem Anne is ontroerd door het initiatief van Olympique Dramatique. Hij heeft de voorstelling nog niet in het echt kunnen zien, maar al wel enkele fragmenten uit de videoregistratie bekeken. Ondanks dat hij het VGT niet spreekt, vindt hij wel dat zowel de dove als horende spelers het erg goed hebben gedaan. Hij hoopt dat [meeuw] ook in Nederland iets in beweging zet.

Al met al is het gebarentaal een erg mooie vorm van communiceren die het verdient om meer gezien en gesproken te worden. Sam, Diane, Hilde en Sem Anne (en ik) zijn het er in ieder geval unaniem over eens dat er meer theater zoals [meeuw] op de planken mag komen.

⋅⋅⋅

Mijn hartelijke dank gaat uit naar Sam Verstraete, Diane Boonen, Hilde Verhelst  en Sem Anne van Dijk, zij hebben uitgebreid de tijd genomen om met veel enthousiasme al mijn vragen te beantwoorden.

https://woordenboek.vlaamsegebarentaal.be/search?q=dank